zondag 30 juni 2013

Ka groet de zon

Met alleen het drinken van groene smoothies, red ik het natuurlijk niet om een strak, jong, woest aantrekkelijk lijf te creëren. Ik ontkom er niet aan: daar moet ik bij bewegen. Al tijden trap ik het snot voor mijn ogen op een spinningfiets, donder daar na een uur meer dood dan levend vanaf en heb me laten vertellen dat ik enorm veel calorieën heb verbrand. Dat hoor ik graag. Geen meter vooruit gekomen, maar een resultaat waar je van duizelt. Ik hou er zo van.

Kenners uit de sportwereld hebben mij wijsgemaakt dat ik het met alleen spinning niet red. "Want Ka", zeggen ze dan, "je moet er ook krachttraining bij doen." Oke. Daar ik mezelf niet zie staan tussen die hersenloze spierbundels met heul veul plaatjes op hun arm, besloot ik tijden terug mee te doen aan bodypump. Bodypump. Dat klinkt net zo als een groene smoothie. Het is geweldig, maar je vertelt het liever niet in gezelschap. Alsof ik mijn lijf volpomp met anabolen. Zo klinkt het. Dat is niet zo. Bodypump een workout van een uur waarbij alle spieren aan bod komen, zo schreeuwt de folder van Les Mills, de bedenker van deze workout. Inmiddels ben ik een doorgewinterde bodypumper en laad mijn stang op met vele kilo's. "Je lijkt wel een kerel", vertrouwde mijn sportmaatje mij laatst toe. Ik moet zeggen: ik vond het een mooi compliment.

Nou, dat ziet er prima uit toch.


Maar goed. Je moet die sporthorizon blijven verbreden. Geen tunnelvisie nu. Dus toen er vandaag op mijn sportschool anderhalf uur sporten werd aangeboden waarin alle lessen aan bod kwamen, aarzelde ik heel even. Ik kon namelijk ook even meedoen, en daarna een uur lang spinnen. Maar nee. Ik besloot de lessen te proeven. She'bam. Nooit van gehoord. En ik weet niet of ik daarvan had willen horen. She'bam is namelijk een dansworkout. En dansen is niet mijn ding. Mijn eerste obstakel is dat ik links en rechts onmogelijk uit elkaar kan houden. Dus moet de groep naar rechts, ga ik naar links. En andersom. Daar valt mee te leven. Het combineren van danspassen, hupjes en armzwaaien en dan ook nog naar links en rechts gaan, red ik niet. Dat is fataal. Bovendien is het geen gezicht, een hupsende Ka. Ik was blij toen de She'bam-proeverij ten einde was, hoewel ik heb genoten van de She'bam-juf. Een lust voor het oog.

Het toetje van deze sportieve proeverij was Bodybalance. Dat klonk een stuk aangenamer. Even was ik in totale verwarring toen ik een denkbeeldige energiebal van links naar rechts moest brengen. Die denkbeeldige energiebal moest ik ook nog wegduwen. Als een volleerd mimespeler deed ik wat de Bodybalance-juf van me wilde. Niemand scheen het vreemd te vinden, alleen ik. Ook moest ik de zonnegroet doen. De zonnegroet. Geen zon te bekennen, geen balans in mijn donder, en maar zwaaien naar die zon. Maar toen, toen gebeurde het. Tien minuten ontspannen. Ik kwam erachter dat ik daar talent voor heb. Op mijn rug op mijn matje. Ogen dicht. Aan niets denken. Gewoon zijn. Zijn? Ja, dat zei de juf, het kon mij niet schelen, ik lag prinsheerlijk op dat matje. Hoefde niets te bewegen. Nergens naar te zwaaien. Even was mijn sportleven volmaakt.

Nou mijn gewone leven nog.

Nou en over een tijdje kan ik dit dus. En dan zonder handen een groene smoothie drinken...

vrijdag 28 juni 2013

Ka aan de groene smoothie


Ik weet het niet. De biologische scharrelsupermarkten trekken mijn aandacht vooral niet. Ik zou best meer biologisch willen eten, maar wil daarvoor niet zo’n winkel in. Sinds ik aan de aan de groene smoothies ‘zit’, is alles anders en ga ik grenzen over die ik voorheen als onneembare vestingen zag.

Zo had ik toch echt nooit bedacht dat er een dag zou komen waarop ik ’s ochtends in alle vroegte andijviebladeren onder de kraan afspoel en die samen met fruit en gebroken lijnzaad in een blender prop. Ja hoor. Andijviebladeren. Gebroken lijnzaad. Blenden die hap en drinken. Gewoon drinken die groene smoothie. Daarna voel ik de energie door mijn aderen razen.
 
Best groen.
 
Ik praat daar zo min mogelijk over –dat zou mijn reputatie tamelijk aantasten-, alleen voor andere groene-smoothie-addicts maak ik een uitzondering. Met hen wissel ik schaamteloos recepten uit. Ruilde ik vroeger vooral taart- en dessertrecepten uit, nu zuig ik gretig alle groentetips op als een spons.

Bij mijn vrienden uit mijn leven voor de groene smoothie kan ik echt niet met deze verhalen en recepten aankomen. “In godsnaam Ka, ik wil thee. En ik wil taart. Veel taart”, smeekte mijn vriendin. “Doe s normaal Ka. Prak voor mijn part spinazie in je bier, maar hou op. Ga dronken worden. Nu!”, sommeerde mijn goede vriend.

Ben ik nu een vrolijke hiephiephoera-biologische-scharrel-eter met geitenwollen sokken geworden? Ik geloof het niet. Toen ik me laatste waagde in zo’n scharrelwinkel om noten (ja, he he, zonder zout) te kopen, keek ik mijn ogen uit. Ik geloof zelfs dat ik minutenlang naar de caissière staarde. Zij zag er zo….zo anders uit, zeg maar. Wel gezond, maar zo allejezus saai. Kleurloos. Verantwoord. Ietwat zuur.

Van driekwart van de producten die in haar winkel in de schappen stonden, had ik van mijn leven niet gehoord. Vanaf dat moment nam ik me voor: die groene smoothies hou ik erin, de noten ook en verder is het klaar. Ik wil me niet verdiepen in scharrelpindakaas en allerlei zaadjes. Naast het feit dat ik niet weet wat het is en me afvraag hoe ver ik moet gaan, is het allemaal ook nog eens reteduur. Misschien is dat ook wel de reden waarom de caissière er ietwat zuur, doch verantwoord eruit ziet. Laat mij dan maar zo nu en dan een flink stuk taart en veel chocola naar binnen stampen; daar word ik in elk geval zeer verantwoord blij van.
 
Scharrelworteltjes.
 

maandag 25 februari 2013

Waar is mijn gebit?

Tja, en na de superleuke donderdag, volgde slechts een paar uur later, het afscheid. Afscheid van Peet, Eef en Storm. Afscheid van AK. Afscheid van mijn 10 dagen durende kuuroord.

Toen we door de sneeuw thuis waren gekomen, nam ik een sprintje naar mijn cabin. Mijn koffer moest nog worden ingepakt. En ik wilde vroeg naar bed; om kwart voor drie s nachts zou mijn wekker gaan. Want om kwart over drie moesten we op weg naar het vliegveld. Leuke tijd.

De koffer. Dat was nog een hele toestand. Ik was in de veronderstelling dat daar een mud Alaskiaanse hebbedingetjes in zouden passen, nu al die cadeautjes (ach, jij gaat toch naar Eef, kan je en presentje voor haar meenemen) eruit waren. Hell! Niets was minder waar. Sterker: ik was genoodzaakt teen en tander achter te laten. Zo liet ik een aantal boeken achter voor Eef. Dat is niet erg, sterker: dat had ik eigenlijk al bedacht. Ook moest ik mijn rechtsdraaiende muesli-repen achterlaten die ik had gekocht voor het geval ik een hongerklop zou krijgen. Ook niet echt erg. Wat wel erg was: ik moest een kilozak blueberry's omhuld in pure chocolade achterlaten. Een ramp! Maar hee, een kilo... hoe moest ik dat regelen?! Dat ging echt niet. Ik praatte het goed door te denken dat mijn dietiste supertrots op me zou zijn. Ik moest wat. Ik had dan wel lichtgewicht sportschoenen gekocht, maar die namen ondanks dat ze geen drol wegen, wel een flinke plek in beslag, want maat 41,5. En ga zo maar door. Voor mijn vader kocht ik een groot pak havermout, want dat vindt ie leuk. Ook een kilo. En ellende bij de douane maar daarover straks meer.

Een beste bak havermout. Foto: Jan van Leeuwen

Ik verdeelde de buit over mijn koffer en handbagage. Vrijdagochtend om tien over drie parelden zweetdruppels over mijn voorhoofd. De koffer was dicht. Tevreden stond ik er met mijn handen in mijn zij naar te kijken. Toen ik naar beneden keek, schrok ik. Oh nee he?! Ik had mijn pantoffels nog aan. Die moesten er oooook nog in. De pantoffels frommelde ik in het voorvak. Ik had alles. De koffer was best zwaar en ik vermoedde dan ook dat ik meer dan 22 kilo mee ging zeulen. Peet bevestigde mijn vermoeden. "Geen punt Ka, doen ze niet moeilijk over." Een waarheid als een koe; op het vliegveld werd er een label 'Heavy' aan gehangen zodat de Delta-medewerker geen hernia aan mijn koffer zou overhouden, en daar ging: op naar Nederland.

Voorrang

Eef reed ons naar het vliegveld. Het was voor het eerst sinds tijden stil in de Subaru. Dat had alles te maken met het onmens vroege tijdstip maar ook met het naderend afscheid. Uiteraard sneeuwde het. We reden de Knik af en toen gebeurde het. Neen, geen noorderlicht, geen bald eagle onder een rode lamp, nee hoor, een overstekende moose. Hij kwam van rechts -dus had voorrang- uit het bos, Eef remde zacht -want het was glad- en we sloegen talloze kruisjes dat dat beest door zou lopen en niet zou gaan stilstaan zodat ie vervolgens met een doffe klap op de motorkap zou belanden. Daar hadden we echt geen tijd voor. God en de rest was met ons, want het beest kuierde op zijn dooie gemakkie naar de overkant.



Voor wie geen idee heeft hoe een moose eruit ziet
en hoe groot ie is, heb ik deze foto van internet gehaald.
Geloof het of niet, drie minuten later stak de broer van de eerste moose over. Zelfde verhaal, zelfde afloop. Kon ik toch weer mooi afvinken op mijn lijstje. Rest nog: noorderlicht. Goed. We arriveerden op het vliegveld. Ik open de achterklep om mijn tas eruit te halen vraagt Eef: "Ehm, Ka, kun jij deze cadeautjes meenemen voor Tijmen -je gaat toch naar NL, kan je dit mooi meenemen- zijn verjaardag?" Het zweet brak me voor de tweede keer in korte tijd uit die ochtend. Want mijn tas zat echt nokkie nokkie vol. Ik ritste zorgvuldig de klep open, schoof het cadeau erin, deed het kleinere cadeautje in mijn handtas, omhelsde Eef met een diepe snik en tranen en ging door de douane.

Hula hoop-girl

Ik kwam zonder kleerscheuren door de douane. Mijn handbagage-trolley echter niet. Die werd eruit gepikt. Een vriendelijke medewerkster vroeg of ik er vloeibare spullen in had. Nee. Of zij mijn koffer kon openen. Yes. En daar ging de klep open. Ik zag mijn laptop in mijn wollen muts -leek me veilig- mijn Hula hoop-girl -had Froukje voor me meegenomen uit Hawai, ik wilde zo graag zo'n poppetje in een zomers rokje- mijn lichtgewicht gympen, zakdoeken en nog veel meer. De dame haalde mijn pot havermout eruit. Damn! Het zou toch niet zo zijn dat ik die moest achterlaten? Dan had ik beter mijn blueberry's gehuld in pure chocolade mee kunnen nemen in plaats van die zemelen. Ze vroeg wat het was. Leek me duidelijk; stond erop. Maar bijdehand doen was geen optie dus ik legde uit dat het voor mijn dad was, omdat ie dat zo lekker vindt blablabla. Ze nam het mee. En kwam terug met de bus. Ze had alleen het deksel gelicht en alles was oke. "Have nice day", glimlachte ze. Yes!

Set of theeth

Op naar Minneapolis, de stad waar mijn held Prince is geboren! We zaten wat krapjes in het vliegtuig. Olga zat bij het raam, ik zat in het midden, en naast mij een behoorlijke Amerikaanse. Vriendelijk, stonk niet maar nam wat ruimte in beslag. Voor ons een zat een groot echtpaar op leeftijd. We hadden vijf uur te gaan. Aan het eind van de vlucht werd het echtpaar wat zenuwachtig. Ze zochten duidelijk iets. Maar wat? Ik gokte de bril van de vrouw. "Wrong", schudde de Amerikaanse naast me, terwijl ze begon te lachen. Het was erger dan dat. De vrouw voor ons, draaide zich om. Keurig vroeg ik wat ze zocht. Met een ingevallen bovenlip antwoordde ze: "My set of teeth". Ik geloofde mijn oren niet. Ze was gewoon haar bovengebit kwijt. Ze had m in een servetje gewikkeld en nu was ie weg. Waarschijnlijk mee met het vuil. Haar minstens tweehonderd kilo wegende echtgenoot liet zich op zijn knieen vallen tussen de stoelen. Ik was als de dood dat de beste man shocking klem kwam te zitten. Voor de vorm keek ik ook onder de stoel. Geen gebit. Olga en ik besloten elkaar niet aan te kijken. Je kon deze vrouw niet uitlachen. Dat zou de nekslag zijn. Hoe het met haar set of teeth is afgelopen, vertelt het verhaal niet, maar zelden heb ik zoiets idioots meegemaakt.

Miss Van Loeuwwwen

Of toch. Aangekomen op Minneapolis zochten Olga en ik naar een tentje waar we konden lunchen. Voor ons liep een hippie meisje met een enorme sliert wc-papier achter haar aan. Was dit hip? Had ik iets gemist? Nee hoor, toen Olga het meisje wees op haar enorme papieren staart, werd ze rood en trok het papier uit haar broek. Ze kon het aan ons geven, wij piesten in ons broek.
We gingen naar de wc en toen we daar uit kwamen, ving ik nog net op: "Miss Ven Loeuwwen en miss Sjudddemeeet". Dat waren wij! Van Leeuwen en Schuddemat! We informeerden en het bleek dat het vliegtuig op ons stond te wachten. Wij dachten ruim twee uur te hebben op het vliegveld, maar hadden geen rekening gehouden met het tijdsverschil. Net op het nippertje arriveerden we bij de gate en schoten het vliegtuig in. Zo'n 300 ogen op ons gericht. "Hi guys", mompelde ik en liet me in mijn stoel zakken. Zuchtend en okselklotsend. Voordeel was wel dat we zo konden zitten, nergens hoefden te wachten en, ook zo fijn, dat onze tassen op Schiphol als eerste de band oprolden, want, zo opperde Robert, die hadden ze er al uitgehaald omdat wij er niet waren. Hiaaa!

Olga zat naast een Schot die al behoorlijk dronken was. Tot overmaat van ramp stootte ie ook nog zijn bekertje rode wijn om, de helft belandde op Olga. Omslachtig begon de Schot te deppen. "Never mind, never mind", riep Olga terwijl ze hem wel wat kon aandoen.

Het eind was in zicht, het vliegtuig werd om 6.35 uur vakkundig door de piloot op de landingsbaan gezet. Robert stond met mijn kabouters te wachten. Eind goed al goed.

 

Thank you thank you...

Wat een reis, wat een avontuur, wat een belevenis. Ik ben blij dat ik ben gegaan, dat ik deze kans met beide handen pakte. Het was zo fijn om samen met Olga naar Eef, Peet en Storm te reizen, om te zien hoe ze daar wonen, leven en werken. Voor geen goud had ik het willen missen.

Peet, Eef en Storm.... hoe ik jullie ooit moet bedanken, is me een raadsel. Wat was dit gaaf. Wat zijn jullie een schatties. Love U guys!

Ik had dit bijzonder leuke tripje nooit kunnen maken als Robert niet had gezegd: "Ga maar, ik neem een week vrij en  ik zorg voor Bob en Tom." Ook niet zonder mijn ouders die insprongen waar nodig en het leventje van Bob en Tom zo normaal mogelijk lieten verlopen. Olga, many thanks voor je aangename gezelschap, dat kunnen wij wel.

En jij, Ka gaat naar Alaska-lezer, super bedankt. Voor de positieve reacties. Ik vond het erg leuk deze blog te schrijven, maar het werd nog leuker toen ik merkte dat ik werd gevolgd. Dat mensen er om moesten lachen. Daar had ik niet op durven dromen.

Mocht ik verder gaan bloggen, zijn jullie de eerste die het horen...

www.knikriverlodge.com

En, omdat we er geen genoeg van kunnen krijgen, hier voor de liefhebbers nog wat foto's. Want: gelukkig hebben we de foto's nog....

                                           
                                           Mijn ontbijt: versgebakken brood met marmelade en, ja
                                                    hoor twee blueberry's omhuld in pure chocolade on top...

                                         
                                           The golden girls.


                                          Peet en ik bij de Italiaan, in afwachting van de Moose Pie.


 
                                                         Betonnen pannenkoeken in Gwennies.


                                              Met mijn vriendje Storm en zijn oma op de bank.


                                            Gouden bobslee-duo Olga en Ka.


                                             En de trein? De trein denderde door....












zondag 24 februari 2013

Blaadjes sla en scharrelthee

De laatste dag brak aan in AK. Ik werd wakker. Keek naar buiten en realiseerde me dat het beeld dat ik zag, serene bergen vol sneeuw, een vijftig tinten blauwe lucht, voorlopig niet meer zou zien. Maar voordat ik een depressie zou storten, besloot ik intens te genieten van deze laatste dag. Ik begon m goed en smste Eef dat ik iets later zou komen, ik moest genieten van het in bed zitten, kop thee erbij en bloggen. Bovendien hadden we de laatste dag een rustige dag gepland. Koffers inpakken, nog een laatste keer naar Palmer, vroeg eten en vroeg naar bed. Om kwart voor drie s nachts zou de wekker immers gaan.

Door de sneeuw stiefelde ik naar het huis van Peet en Eef. En ineens kwam ik in een achtbaan terecht. Want nee, we gingen niet een rustig daggie houden, hoe kwam ik daar nou bij, we moesten leven alsof het onze laatste dag was. Dat laatste verzon ik er zelf bij. Prima. Op het programma stond een prachtige rit langs de kust naar Girdwood. Daar zouden Peet en Storm gaan skieen en dan zouden Olga en ik samen met Eef kunnen kijken en koffie leuten. Prima!

En zo zaten we niet veel later met zijn allen in de Subaru. Op naar Girdwood. Een adembenemende tocht. De zon scheen, de lucht was Alaskiaans blauw. Ik zoog alles op als een spons. Die indrukken zou ik later wel weer een plekkie geven. Peet had er goed de sokken in en wees een nest van een bald eagle aan.


Lijkt goddomme wel een schilderij van Bob Ross...

Girdwood is, zo vertelde Eef, een soort community voor mensen die dagelijks minstens vijf blaadjes sla eten, rechtsdraaiende muesli naar binnenstampen en daarbij scharrelthee drinken. Het maakte mij allemaal niet uit, het was prachtig hier. Mooie huisjes, midden in de besneeuwde dennenbomen. Wintersporten om de hoek. Gottegottegot. Wat hebben die Alaskianen het toch slecht.

          Peet en Storm op weg naar Blueberry Hill.

We kwamen aan bij het wintersportgebied. Storm hees zich in zijn ski-outfit, zwaaide als een stoere skiboy, plaatste zijn handjes op zijn knieen, neus rechtvooruit en hopsa, zo achter de Peet de Blueberry Hill af. De tranen stonden in mijn ogen. Moest je dat vriendje van me toch van me die berg af zien scheuren... "Hee Ka, zag je how ik van de hill afging", vroeg ie me. Nou en of. Olga, Eef en ik stortten ons op een smakelijke hotdog, met sauerkraut en friet. Een goede bodem is immers het halve werk.

Terwijl Peet en Storm zich uitleefden op de lange latten, besloten wij de omgeving te bekijken. We reden tussen de bergen, zagen en passant nog eens twee bald eagles (gaaaap) en draaiden Born in the USA van Bruce keihard. Alaska zoals Alaska bedoeld is, vond ik.

 
Na onze dolle rit haalden we de mannen weer op en koersten naar het pizzarestaurant Moose's Tooth in Anchorage. Peet had daar enorme zin in, Olga juichte dat ze 'daar de beste pizza's hadden die ze ooit had, gegeten, Eef deed haar man en moeder gewoon een plezier en mij maakte het niet uit. Ik eet geen kaas, maar ze zouden ongetwijfeld wat anders op het menu hebben zonder kaas. We moesten er op tijd zijn; het was een gewild restaurant en we kwamen toch met vijf man sterk binnen.



Toen we we het restaurant binnenkwamen, viel ik zo ongeveer flauw. In de loop der jaren had ik mijn afschuw voor kaas redelijk onder controle, maar men, wat een lucht hing daar. Ik voelde mijn hotdog inclusief sauerkraut een stukje omhoog komen. Stabiliseren, Ka, stabiliseren. Zolang mijn disgenoten maar geen kaasfondue zouden bestellen, zou ik het overleven.

Peet en Olga kozen en medium pizza, Eef en ik gingen voor een salade en Storm nam reepjes pizzadeeg met kaas. Op tafel werd een stellage gezet. Al snel werd me duidelijk waarvoor die stellage was; daar moest de pizza op landen. Zelden zag ik zo'n grote pizza. Olga kreeg een rolling en had na een puntje al genoeg, zodat Peet stevig kon bikkelen.

 
                                              Olga vraagt zich af hoe ze de helft van deze pizza naar
                                                                         binnen moet werken...

Bij het zien van het formaat van de pizza, was ik zeer content met mijn ozo slanke kip salade met cranberries en grapefruit. Want, zo had ik bedacht, dan had ik plenty ruimte voor een dessert. Peet was erg blij dat ik mee was, nu kon hij eindelijk zijn favoriete toetje delen: Moose Pie, een dessert voor twee personen. Zooooo! Een soort ijstaart met koffie, koek, chocola, slagroom, kortom: smerig lekker. De gedachte dat ik thuis weer Optimel op het toetjesmenu had staan, duwde ik hardhandig weg. Zover was het nog niet.

Uiteraard sneeuwde het toen we het inmiddels bomvolle restaurant verlieten. We maakten ons op voor een kort nachtje; om kwart voor drie zou de wekker gaan en kwam er een eind aan onze reis.

www.knikriverlodge.com

Voor de liefhebbers nog wat foto's:

                                             IJs ijs ijs, baby! Op weg naar Girdwood!
                                                   


                                            De schoolbus brengt kinderen naar het wintersportgebied.

 
                                            Storm en de reuzepizza.


donderdag 21 februari 2013

Are you German?

 
De drukke dag van gisteren had er behoorlijk ingehakt; ik werd pas om 7.00 uur wakker in plaats van mijn gebruikelijke 6.00 uur. Gelukkig heb ik vakantie....

 
Vandaag hadden we een dames-dagje op het programma staan. Storm vond het wel jammer dat ie ons moest missen, maar het idee dat ie allerlei shops in werd gesleurd, vond ie weinig aantrekkelijk. Dus vrolijk zwaaide hij ons uit.

Bye Storm, tot straks!


Voordat we gingen zette ik nog wat Lego-dingetjes voor hem in elkaar. Met twee vingers in mijn neus. Een heuse Lego-master, dat is wat ik ben.
 
 
Om half twaalf vertrokken we, op naar Anchorage. Onderweg haalden we een koffie bij de Starbucks. Niet binnen, welnee, via de drive-thru. Geweldig! Gewoon in je auto blijven zitten, je tettert in dat microfoontje wat je wilt hebben, en Jonathan – hi guys, how are you doing?- zet het allemaal voor je klaar. Zo heb ik dat graag. Enfin.
 
 
Onderweg gebeurde het. Eindelijk. Eindelijk zag ik m vliegen, de bald eagle. Hij vloog over de Subaru , en door het open dak kon ik m goed zien. Waanzinnig! Ik zag het leed op zijn vleugels, die krachtige wieken. Het mietje onder de infraroodlamp vergat ik, dit was waar het om ging. Niet veel later zagen we er nog een vliegen. Ik vermoed dat de Alaskiaanse VVV de beesten voor me heeft uitgezet, maar het kan mij niet schelen, ik heb nu definitief van mijn lijstje afgevinkt.
 
 
Postkantoor
Ook zo’n toestand. Het vinden van postzegels. In NL slof je naar de servicebalie van Appie en koopt postzegels. Geen vuiltje aan de lucht. Maar in Alaska doen ze daar niet aan, dat willy nilly verkopen van postzegels. We probeerden het maandag al, maar toen was het postkantoor gesloten wegens Presidentsday. In mijn steenkolen Engels probeerde ik het in de Fred Meyer. De medewerker had een ingewikkeld verhaal over Forever stamps en na drie zinnen was ik eigenlijk al afgehaakt, terwijl hij gedienstig doorging met zijn onsamenhangende verhaal. Ik knikte dom en hoopte dat ie op zou houden met praten.

 
Olga en ik grapten al dat we de kaarten mee zouden nemen naar Nederland, daar een postzegel erop jensen en hopsa op de post. Maar vandaag is het gelukt. In het winkelcentrum zat een postkantoor. Natuurlijk was het gesloten, want het mannetje van de post moest even een boterhammetje eten. De kruimels hingen nog aan zijn mond toen Olga en ik voor zijn balie stonden te drammen. “Ah, are you German?”. NEIN! We legden uit dat we Nederlanders zijn. De man veerde op. Benieuwd naar wat voor een connectie hij nou weer had, keken we m afwachtend aan. Hij bladerde opgewonden door een tijdschrift voor trouwerijen en liet trots een bruidspaar zien. De bruid was zijn dochter en de bruidegom was zijn schoonzoon uit….. bingo! Nederland! “Ow, das net Cor Bakker, Ka”, riep Olga enthousiast aan. Ik hoopte niet dat ze het vriendelijke kereltje ging uitleggen wie Cor Bakker was, maar dat deed ze niet. Bovendien leek de dutchmen met blond haar en blauwe ogen niet op Cor Bakker maar op Michael Boogerd. “Ja, Ka, verrek, je hebt gelijk.” Omdat het zo hilarisch allemaal was en ik inmiddels alle schaamte voorbij ben, zette ik het postkereltje op de foto en zo werd het toch nog een dolle boel in het anders o zo saaie postkantoor.

De vrolijke snuiter van het postkantoor.

 
Morgen breekt dan echt de laatste dag aan. Het wordt nog een hele toer om alles in mijn koffer te krijgen, om niet te spreken van een uitdaging...


Nou vooruit, nog even wat foto's:

Dit is mijn uitzicht vanuit mijn cabin. Kan er prima aan wennen.


We spelen het Rupsje-Nooitgnoeg-spel. Olga komt niet meer bij.


Mijn cabin. Let vooral op de enorme ijspegels.
                                      

woensdag 20 februari 2013

We moeten nog naar de bijen!

Het noorderlicht kan ik nog niet afvinken op mijn lijstje, dat was er vannacht niet. Wat ik voor de helft kan afstrepen van mijn lijstje is de bald eagle. Maar laat ik bij het begin beginnen. Want vandaag is mijn grote vriend Storm 5 jaar geworden! Dus dat was een feestelijk begin van de dag. Boedelbak weer vol cadeautjes ingeladen en op naar Storm, the birthday boy. Na het uitpakken van talloze cadeautjes maakten we ons op voor een rit naar Anchorage om daar een echt Alaskiaans breakfast naar binnen te stampen.

Yeah! Storm is vandaag ECHT vijf jaar geworden!


Met Peet achter het stuur waren die suicide birdies hun leven helemaal niet zeker. Peet tuurde naar de toppen van de besneeuwde bomen op zoek naar een bald eagle. “Ze zitten er echt hoor, Ka, vorige week heb ik een hele pluk zien zitten”, bralde ‘ie. Ja ja. En nu dachten de baldies: daar is Ka, wegwezen met die hap. Enfin.

Het breakfast werd een lunch bij Gwennies, Old Alaska Restaurant, geen punt want Gwennies serveert de hele dag breakfast, wel zo handig dus. We liepen een soort grot binnen en ik kon de beer van mijn lijstje afstrepen want die stond daar, weliswaar opgezet, maar in dit geval is een beer een beer.

Deze beer kunnen we aan en bovendien staat íe
in een wensvijvertje; muntje in het water
en wensen maar.

Zelfs het personeel in Gwennies was old, doch vriendelijk. Toen we vertelden dat Storm jarig was, klapte de serveerster in haar handen en vertrouwde ons toe dat haar moeder ook jarig was. Ik vermoed dat die moeder 107 is geworden, maar toch, het schept een band.

Mijn breakfast/lucnh bestond uit 2 repen bacon, een spiegeleitje (ook wel: Sunny side up genoemd), en pancakes. Super. Ik heb van 13.00 tot 18.30 uur geen honger meer gehad. Die pannenkoeken waren van een soort beton gemaakt.. Maar mijn moeder zegt altijd: ‘Je moet goed eten met die kou”, en koud was het.

Toen we Gwennies wilde verlaten stond een oude man, met lang haar in een staart en een geruite bloes op uit zijn stoel en liep op Storm af om hem een dollar te geven. "For your birthday, kid", knauwde hij. Over diezelfde man hadden we vijf minuten daarvoor nog zitten roddelen en hem belachelijk gemaakt. "Hey is that your mam?", "No, thats Willy Nelson!". En zo zie je maar, niets is wat het lijkt.

Dierentuin

Op naar de Alaska Zoo. Daar wilde Storm graag naar toe op zijn verjaardag. Ik heb niets met dierentuinen, heb sowieso weinig met dieren, maar met Storm wilde ik graag gaan. Het was -10 graden en ik was blij dat ik mijn thermo-shirtje aan had, want het was best fris zeg maar. De dierentuin in Anchorage is er een naar mijn hart. Niet te groot, overzichtelijk en veul leukere dieren dan in Nederland. Storm huppelde opgewekt langs de dierenverblijven. De beestjes zijn trouwens allemaal opgevangen, dus niet aangekocht voor de dierentuin, nee, er wordt een eagle door een of andere malloot in zijn vleugel geschoten (he, shit), en dan wordt die eagle opgevangen. Sympathiek dus. En daar gebeurde het. Daar in de dierentuin viel mijn droom aan diggelen. Want natuurlijk zat daar een bald eagle, sterker: twee.

Weliswaar in gevangenschap, maar toch: de bald eagle!
Tot zover alles prima. Maar toen. We liepen om en kwamen aan de andere kant van het bald eagle verblijf. En daar zat ie. De andere bald eagle. En waar zat die softie? Dat watje zat onder een warmtelamp. Zo'n rode warmtelamp. Ik kon wel huilen. Dacht dat het stoere sterke knapen waren, die het wereldleed op hun vleugels namen, die vochten als een leeuw in de gletchers van Alaska. Maar nee.  Deze idioot zat onder een warmtelamp.


Daar zit ie dan de sukkel, onder een warmtelamp.

Eef zag mijn teleurstelling, gaf me een arm en zei: "Kom maar sweetie, we gaan naar de bijen, daar moeten we ook nog heen." Ik keek haar aan en pieste bijna in mijn broek, wat ik koste wat het kost wilde voorkomen want dat zou gelijk bevriezen. De bijen. Om te gieren. En inderdaad daar in het bijenhok zaten de bee's. 
Gelukkig wilde Storm niet overal uren bij de dieren staan kijken, want het was echt takkekoud. Nadat we ze allemaal gezien hadden, op de bruine beren na want die lagen natuurlijk weer te slapen, jumpten we weer in de auto.

Hilltop

Op naar Hilltop Ski Area. Want Storm en Peet zouden gaan skien. "Kijk Ka", zei Storm uiterst serieus, "je zet je handen op je knieen, je neus naar voren en dan kun je skieen." Easy as that. Maar ik liet de ski-beker even aan mij voorbijgaan; zag me zelf al met een gebroken been thuiskomen. Mijn slee-avontuur had me al een fikse blauwe plek op mijn rug opgeleverd. Meer dan voldoende.


Storm en Peet op Hilltop Ski Area.

We keken hoe Storm en Peet van de berg afzeilden. Met een gemak om jaloers op te worden. Eef, Olga en ik jumpten in de auto en scheurden naar de Target een immense winkel vol leuk dingen. We hadden maar een uur, maar zoals inmiddels bekend: ik kan zeer tactisch winkelen. Daarna haalden we de wntersportmannen weer op. En toen zag de skibaan er zo uit:


Hilltop by night.

De feestdag was nog steeds niet op; als hekkensluiter stond er een etentje in een restaurant gepland. Dat was nog een hele toestand want velen hadden hetzelfde idee opgevat, waardoor er wachtlijsten waren. Uiteindelijk konden we terecht in Outback Steakhouse. Zo'n restaurant waar je als je een biertje besteld een flesje zonder glas krijgt, want hee mate, er zit tenslotte al glas omheen. Ik hou er zo van. Heerlijk gegeten en toen we naar huis reden, sneeuwde het weer. Last Christmas popte weer op, zeker omdat er overal nog kerstversiering hangt.

Het bleef nog lang onrustig in mijn hoofd en ik viel in een diepe slaap. Een boel te verwerken tenslotte.
En nu schiet het op; nog twee dagen te gaan en dan gaan Olga en ik weer op huus aan. Oei! Nog maar even niet aan denken...


En voor de liefhebber nog wat foto's:


Hier word je toch blij van?


Op naar de ijsberen.

Hilltop, daar waar je zo lekker kunt skieen.

Prachtig poolvosje.


www.knikriverlodge.com




dinsdag 19 februari 2013

He Ka, heb je warme tenen?

Hatcher Pass. Dat stond vandaag op het programma, herinnerde ik me toen ik wakker werd. Het had weer flink gesneeuwd en Peet was druk met het verwijderen van de sneeuw zodat ik veilig het huis van Peet en Eef kon bereiken. Het verplaatsen van sneeuw doet ie met een apparaat waar menig man jaloers is, dat weet ik zeker. Want: het maakt herrie, je moet je kop erbij houden (je moet namelijk de sneeuw de goede kant op laten stuiven), en je hebt balls, eh ik bedoel muscles nodig om dat verdomd handige apparaat in bedwang te houden. Ik vind het allemaal prachtig als ik me maar een beetje comfortabel kan voortbewegen. Maar respect voor Peet die als het ff tegenzit dagen achter elkaar sneeuw moet ruimen. Ik heb al zo’n moeite met het schoonhouden van mijn stoep in Hilversum en word woest als ik het dan schoon heb gemaakt en het een uur later wederom begint te sneeuwen. Zo niet Peet. Maar ik vermoed dat dat alles met het apparaat heeft te maken.


En de boer? Die ploegde voort...

Enfin. Hatcher Pass. Hatcher Pass is een walhalla voor wintersporters. Staat dus niet boven aan mijn lijstje, zo dacht ik. Daar ben ik van teruggekomen. Eerst de weg erheen. Ik mocht voorin zitten, zodat ik de weg goed kon zien, zo had Eef bedacht. Goed plan. Ik ging lekker zitten en was klaar voor de omgeving. Want laten we wel wezen, de bald eagle had ik ook nog niet gespot en je kon niet weten. Ik kreeg de schrik van mijn leven toen we over de Knik zoefden en een aantal kleine vogeltjes enorm met hun leventje zag spelen. Wat was het geval? Die kleine opdonders met vleugels zitten met z’n allen gezellig op de weg en vreten het zout van het pekel eruit. Erg slim zijn deze vriendjes niet, en het duurt dan ook even voordat die gasten opvliegen. Moet je je voorstellen: je komt met een beste vaart aangassen en ineens vliegt een plukje van de beestjes uiteen. Je schrikt, wijkt uit en in de hoek waar je uitwijkt, zul je net zien, is altijd de sloomste van het stel. En die kwakt dan op de bumper. Ai. “Tja, suicide birds, doe je niks aan”, trok Eef haar schouders op. Toen ik erop ging letten, zag ik de kadavertjes in de weg steken. Snoeihard die natuur.


Deze foto is genomen vanuit de rijdende Subaru. What a view!

We vervolgden onze weg en ik maakte kennis met een ander Alaska dan ik tot dan toe had gezien. Immens grote besneeuwde bergen, met plukken wolk ervoor. Een strakblauwe lucht. De schoonheid van de natuur greep me bij mijn strot, schudde me door mekaar. Terecht. Dit is mooi. Dit is overweldigend. Bij Hatcher Pass aangekomen, waande ik mij in een wintersportgebied uit de jaren vijftig. Op de parkeerplaats van die fijne grote auto’s, mensen die op een gasstelletje warme chocolademelk bereidden, mannen met bevroren baarden op ski’s. “Jee wat is het druk man”, riep Eef uit. Ik keek om me heen. Druk? “Op een doordeweekse dag is hier niemand, ik snap er niets van”, legde Eef uit. Wat ze even over het hoofd had gezien: het was Presidents Day, Washingtons Birthday, dus een vrije dag.


Eef en Storm gieren met hun slee van de berg.

Hatcher Pass. Je kunt er skien, maar ook van een berg met je slee glijden. Storm had zijn slee, die hij voor zijn verjaardag had gekregen, meegenomen, en samen met Eef klauterde hij de berg op. Ik bleef met Olga beneden staan kijken. Toen al constateerde ik dat er weinig gevoel meer in mijn tenen zat. Ik probeerde ze wat heen en weer te wiebelen, maar dat mislukte. Mijn vijf tenen waren een geheel geworden. Mijn god. Ik stampte, ik danste, ik sprong. Niets hielp. We liepen naar een lodge om thee te drinken en te kijken of ik mijn tenen kon reanimeren. Ookal zo’n jaren vijftig toko met prachtige wintersportschilderijtjes aan de wand. De eigenaar begroette Eef met volle mond toen ze haar bestelling doorgaf en ik zag een stukje brood uit zijn mond op het truitje van Eef belanden. He gadverdamme. Ik had inmiddels mijn schoenen uitgedaan en wiebelde uit alle macht mijn tenen. Ja. Jaaaa! Ze deden het nog. Tevreden dronk ik mijn thee op, keek naar twee snowboarders die aan het worstelen waren in de sneeuw en met hun plank, en was gelukkig. Storm wilde weer op zijn slee. “Hee Ka, zijn je tenen al warm, dan kunnen we weer gaan”, drentelde ie om me heen. We betaalden de spugende man, en stortten ons weer in het wintersportgedruis.


Lekker thee drinken met uitzicht op de bergen.

De weg terug was net zo mooi als de heenweg. De Alaska-puzzel valt stukje bij beetje in elkaar en ik geniet.

Wellicht dat ik vannacht mijn bed wordt uitgetrommeld om naar het Noorderlicht te kijken, veel wijst erop dat we dat kunnen zien. Wellicht is een bald eagle bereid even door dat Noorderlicht te fladderen. Dan ben ik helemaal een gelukkig mens.

Nog even wat foto's omdat het zo allejezus prachtig is:



Kiek m gaan die Storm!




Tis toch net een ansichtkaart?



Olga en Eef in de lodge.

Storm heef een kleiner bergje gevonden waarvan
ie af kan zeilen.