vrijdag 4 april 2014

Ka bereidt zich voor op pubers



Mijn boenders zijn schatjes. Vier en zes jaar. Ze houden van hun moeder met heel hun hart en ziel. Ik ben hun held. Hun veilige baken. Hun rots in de branding. Zo kan ik nog wel even doorgaan. Er komt een dag dat dat over is. Dat ik een zeiksnor ben. Een oud vel dat er niets van snapt. Dat ik niet zo stom moet doen omdat ze zich schamen voor mij. Verdorie. Daar kijk ik niet naar uit.

Ik heb een boek gekocht en gelezen. Pubers! heet het. Gerard Janssen schreef deze handleiding voor ouders. Leuk! En nuttig. Ik heb er een blog over geschreven. Op www.damespraatjes.nl Lezen maar!





maandag 31 maart 2014

Ka hoort het over de schutting

Ja, achter de schuttingen vinden allerlei bezigheden plaats...
“Godnondeju! Wat een takkeding!”, hoor ik aan de andere kant van de schutting. Dat is niet mijn oude, keurige buuf, nee, dat is haar tuinman. “Met dit ding kan ik toch geen gras maaien. Dat kan niet. Dat kan gewoon niet.” Hoewel ik haar niet kan zien, weet ik zeker dat ze haar schoudertjes ophaalt. De tuinman baggert door de grasmat. “Oooohoooh, livin on a prayeeeer”, zingt hij nu heel vals mee met Bon Jovi. “He? Wat zegguuu? Een kopje thee? Hebbuuu ook cola?” Het wordt rustig aan de andere kant van de schutting. Mijn oude buuf drinkt een kopje thee met haar tuinman. Na een stief kwartiertje gaat ie weer aan de gang.

“Ik wil een heidetuin”, vertrouwde mijn oude buuf mij laatst toe. Om daar een begin mee te maken, had ze twee minuscule plantjes hei gekocht. “Kijk, daar staan ze”, wees ze me. Ik keek haar aan. “Wat denk je? Zal ik ze nog weelderig en tierig zien worden?”, grinnikte ze. Ik vrees het niet. Naast die minuscule plantjes hei staat er in haar tuin een scheve heg, een veel te grote kluit lavendel, struikjes die al jaren terug overleden zijn en hier een daar een verdwaalde bloembol. Deze flora is geplant in een uitermate hobbelig landschap. Of liever gezegd: de tuinman heeft voor deze hobbelige toestand gezorgd. Die kan namelijk niets normaal. De deur  van zijn Opel Corsa doet ie niet met zijn hand dicht, nee, daar gebruikt hij zijn rechterbeen voor. Ik probeer het te vermijden, maar mocht ik onverhoopt naar buiten moeten als hij de voortuin onder handen neemt, zorg ik dat ik een helm op heb. De keren dat de bezem van de steel afvloog zijn niet te tellen. Als ie blad weg blaast, zit ons hele huis onder de tuinafval. En als hij harkt, ja, dan er ontstaan er hobbels. Veel hobbels.

“Ach, het is zo’n aardige jongen”, vergoelijkt mijn oude buuf de brute tuinman als ik vraag waarom ze m steeds weer belt. Driftig veegt ie bladeren van het pad. “Waar motten die bollen kommen?”, vraagt ie mijn oude buuf, terwijl hij met een enorme schep kuilen graaft. Mijn oude buuf aarzelt. Dat duurt hem te lang. Hopsa. Hij flikkert de bollen in de door hem gegraven kuilen. “Dan is het verrassing wanneer er bloemetjes komen”, grijnst hij dom. Mijn oude buuf knikt. Ook dom.


Niet veel later gaat de telefoon. Mijn oude buuf. “Ik kom eens even vragen hoe het met je is. Jij bent ook altijd druk he? Ik zei laatst nog tegen Cornelia, meid, zei ik, mijn buurvrouw is een bezig bijtje. Je hebt ook zulke leuke jongetjes. Enig. Echt enig. Mijn tuinman vindt dat ik een nieuwe grasmaaier moet kopen. Hij zegt dat hij met dat oude ding van mij niet kan werken. Nou, dat moet hij dan maar zelf regelen. Hoe moet ik zo’n grasmaaier thuis krijgen? Kan ‘m moeilijk op mijn rug nemen.” Abrupt staakt ze het gesprek. “Oh!”, zegt ze zacht, “ik moet ophangen. De tuinman bonkt tegen het raam. Hij wil zijn geld.” Ik hoop dat haar raam er nog in zit. Als ik de Opel Corsa knoerthard de straat uit zie en vooral hoor rijden, gaat de telefoon weer. Mijn oude buuf.  Of ik een kopje thee kom drinken. “Hebbuuu ook cola?”, gier ik het uit. Hoewel ze geen idee waarom heeft, giechelt ze vrolijk met me mee. En schenkt een cola voor me in.  

Het duurt nog wel even voordat mijn oude buuf zulke grote mooie heideplanten in haar tuintje heeft staan....

vrijdag 28 maart 2014

Ka vreet Joël Dicker

Lekker lezen aan de grote tafel. 


Soms dan komen er van die boeken voorbij die je grijpen. In je nekvel. Die je door elkaar schudden en vooral niet meer loslaten. 'De waarheid over de zaak Harry Quebert' is er zo een. Geschreven door Joël Dicker. Een boek van ruim zeshonderd bladzijden en de laatste twee weken sleepte ik deze kiloknaller overal mee naar toe. Voor het geval ik even vijf minuten niets te doen had, kon ik mooi verder lezen. Hulde aan Joël Dicker. 

Enfin. Stof genoeg voor een blog inderdaad. Te lezen op www.damespraatjes.nl



Tot diep in de nacht letters vreten.



vrijdag 21 maart 2014

Ka zwaait als een zot

Mijn kleinste zit op zwemles. Maar dat wil ie niet. Hij kan het wel. Vanaf maandag wordt ie zenuwachtig en meldt dan dagelijks: 'Ik wil niet naar zwemles'. Donderdag is de dag. Eerst een lange dag op school met als kers op de taart: zwemles.

Een hele toestand. Maar wel weer stof voor een blog. Te lezen op www.damespraatjes.nl

Als een koalabeertje zit mijn kleinste op de rug van de juf geplakt.

maandag 17 maart 2014

Ka wil geen haardroogkap muts

Als ik op weg ben naar de buurtsuper en bij haar naar binnen kijk, geloof ik mijn ogen niet. Ik draai me niet eens om om terug te lopen, maar zet mijn lijf in z’n achteruit en blijf voor haar raam stilstaan.

Darth Vader in het zwart. Mijn oude buuf leek op Darth maar dan in het wit.

Wat zit daar nou aan tafel? Is dat de witte uitgave van Darth Vader uit Star Wars? Leeft het überhaupt wel? Ja. Het leeft want het zwaait. Moeizaam schuift mijn oude buuf haar stoel naar achteren en sloft naar de voordeur. Ze doet de deur open en ik weet gewoonweg niet waar ik moet kijken. “Wat heb je nou op je hoofd?”, vraag ik op gepaste afstand, bang dat het witte gevaarte elk moment kan ontploffen. Verbaast kijkt ze me aan. “Gewoon, een haardroogkap muts”, haalt ze haar schouders op. Ze ziet er uit als een mislukte smurf. “Een haardroogkap muts?”, herhaal ik haar antwoord dom, terwijl ik razendsnel uitreken hoeveel punten me dat bij een potje Scrabble oplevert. Mijn haardroger past in mijn hand, heeft een snoer en stekker en blaast. Nooit eerder zag ik zo’n gevaarte. Mijn oude buuf giechelt. “Ja, ik heb mijn haar gewassen en dan zet ik mijn haardroogkap muts op.” Ze kijkt langs me heen en zwaait naar buurvrouw Cornelia. “Hee, Cor, hoe is het met je?”, vraagt ze alsof ze er niet uitziet als een buitenaards wezen. Traag draait Cornelia haar hoofd. Thuis noemen wij haar de schildpad omdat ze zo verschrikkelijk langzaam loopt. Altijd ben ik bang dat ze niet goed wordt, precies voor mijn raam. Dat ik er dan ook iets mee moet. “Goed hoor”, zegt ze langzaam. Ik voorzie een lang gesprek en wrijf in mijn handen.

“Heb je je haar lekker gewassen?”, vraagt Cornelia die duidelijk wel weet wat mijn oude buuf op haar hoofd heeft. Mijn buuf knikt. “Ik moet ook ergens nog zo’n ding hebben. Maar tegenwoordig ga ik naar de hoek. Naar die kapper. Wil jij mijn haardroogkap muts misschien hebben?” Vraagt ze dat nou aan mij? Zou ze weten dat ze het echt hardop zegt?! Ze herhaalt haar vraag terwijl mijn oude buuf mij iets te hard in mijn bovenarm prikt. “Ze vraagt je wat.” Ik glimlach mijn liefste lach. “Nee buurvrouw Cor, ik hoef geen haardroogkap muts. Ik heb een föhn.” Voordat ze me de voordelen van de haardroogkap muts uit de doeken kan doen, spring ik als een jong hert over het muurtje, steek mijn hand op en speer naar mijn eigen huis. Zo snel dat buurvrouw Cor me niet kan volgen.


Thuisgekomen speur ik internet af. Op zoek naar de haardroogkap muts. Verdomd. Ze zijn nog gewoon te koop ook. Terwijl ik mij verwonder, gaat de bel. Daar staat ze, mijn oude buuf met haar haardroogkap muts op en haar postbode schoentjes aan. In haar hand heeft ze een plastic zak met een koek. “Hier voor jou, notenkoek uit Groningen.” Ik bedank haar en vraag haar waarom ik dit krijg. “Omdat je mijn kliko achterom hebt gezet.” Logisch. Ik kijk naar de koek. Mijn oude buuf ziet het. “Ik heb er een stuk vanaf gesneden, was benieuwd hoe ie smaakte.” Met de hakken van haar postbodeschoentjes tegen elkaar aan, draait ze om. Ik hoor de haardroogkap muts ruizen. “Is oké”, mompel ik terwijl ik van de ene in de andere verbazing donder. “Met een beetje roomboter erop, is die koek helemaal niet te versmaden.” Goede raad, van een goede buur. Kom er nog maar eens om….

Meer blogs lezen? Wekelijks blog ik voor www.damespraatjes.nl!

vrijdag 14 maart 2014

Ka domweg gelukkig

Jaaa! Het is Boekenweek. Heerlijk struinen in de boekwinkel, op zoek naar een leuk boek. En hoe fijn dat je daarbij een boekenweekgeschenk krijgt. Ik hou er zo van. Dit jaar is het boekenweekgeschenk geschreven door Tommy Wieringa. Een mooie jonge vrouw. Zo heet het. En ja! Het is leuk.

Ik heb er een blog overgeschreven. Is te lezen op www.damespraatjes.nl

Over vroeger. Het eetlezen met mijn vader. Over hoe hij jodelde in de keuken...


vrijdag 7 maart 2014

Ka poetst haar tanden

De tandarts en ik kennen elkaar nu al zo'n kwart eeuw. Aardig man. Maar god wat een een fout beroep heeft ie toch gekozen... Kleinste heeft, net als ik, een zwak gebit. Om vast aan elkaar te wennen gaat hij eens in de drie maanden naar tandarts. En dat gaat niet altijd zonder slag of stoot.

Lees mijn blog maar op www.damespraatjes.nl

Maar gelukkig is daar grote broer om mijn kleinste een hart onder zijn riem te steken...