woensdag 15 januari 2014

Ka geeft een geluksplantje

De grote dag is aangebroken. De dag dat het medische vonnis van mijn oude buurvrouw wordt geveld. Aan het eind van de middag pas. Ik moet er de hele dag aan denken. Hoewel ik brand van nieuwsgierigheid, bel haar niet. Dat doe ik een dag later.

Helder neemt ze de telefoon op. Ik vraag hoe het gaat. “Uitstekend. Ik heb heerlijk gegeten. Dat gaat hier zo mooi. Ik mag ’s ochtends een lijstje invullen. Moet ik aankruisen wat ik wil eten. Nou jaaaa. Geweldig hè? Ik weet nog steeds niet of mijn verzekering een deel van mijn verblijf hier in dit zorghotel vergoedt, maar dat zal toch wel? Anders heb ik een probleem. Ik zei vanmiddag nog tegen mijn vriendin, ‘Jik”, zei ik, ‘Jik, meid, zorg dat je een potje geld achter de hand hebt. Zodat je in een zorghotel kunt. Ja, als dat nodig is natuurlijk”, giechelt mijn oude buuf. Leuk allemaal, maar dit wil ik allemaal niet horen. Als ze adem dreigt te halen, vraag ik snel: “Hoe was het bij de arts?” “Kind, uistekend. Ze hebben alles weggeschraapt en er zijn geen uitzaaiingen. Ik moet nu elke drie maanden een blaastest ondergaan. Nee, niet om te kijken of ik gedronken heb, maar in mijn blaas”, schatert ze nu. Tegen de arts had ze gezegd: “Zie je nou wel dat ik bij die tien procent hoor die geluk heeft? Ik had gelijk.” Ze had haar stoel naar achteren geschoven, de arts vriendelijk bedankt en wilde weer gaan. “Ik heb het idee dat u het allemaal een beetje bagatelliseert”, had de arts gezegd, “maar u moet zich goed realiseren dat u kanker heeft.” Ze wuifde het weg. So far so good.

Ik vraag haar waar ze oudejaarsavond is. “Hier. In het zorghotel. Ik ben zo moe namelijk, ik slaap echt heel veel. Op 2 januari kom ik naar huis. Bets haalt me, dan zetten we mijn spullen thuis, en gaan terug naar het zorghotel om daar te dineren en dan ben ik weer thuis”, deelt ze me haar programma mee. Alsof ze me verantwoording schuldig is. Voordat ik ophang, vertel ik dat haar kerstster nog steeds straalt. En er florissant bijstaat. “Kind, hoe doe je dat toch?”
De dag dat ze thuiskomt, zet ik een geluksplantje op haar tafel. De uiterst crea bea-bloemist heeft er een schoorsteenvegertje ingezet. Dit geheimzinnige kereltje uit Noord Italië droeg bijzondere kleding met een hoge hoed en zijn geheimzinnigheid maakte hem uiterst geschikt als geluksbrenger, zo weet Wikipedia. Nou, geluk kan mijn oude buuf wel gebruiken ondanks de redelijk goede uitslag.


De volgende dag bel ik aan bij mijn buuf. In mijn hand een bakje met gekookte aardappels en een bakje met bruinebonenschotel. Kan ze lekker aansterken. Vermoeid doet ze de deur open. Ik vraag hoe het met haar gaat. “Ik ben zo moe.” Ik overhandig haar de voedselbakjes. Onderzoekend kijkt ze naar de bruine bonen. “Die wil ik niet. Ik moet er niet aan denken.” Ze schuifelt naar de keuken om de gekookte aardappeltjes in de koelkast te zetten. Ik vraag maar niet wat ze daar bij gaat eten. “Buuf, ik ga weer. Als er wat is: je weet me te vinden hè?”, steek ik mijn hand op. Als ik haar tuinpad afloop, roept ze me terug. Ze drukt het schoorsteenvegertje in mijn handen. “Die hoef ik niet, is leuk voor je boenders. Hoewel die al alle geluk van de wereld hebben met zo’n moeder als jij.” Ik grijns. En vraag wat haar lievelingseten is…

Nou ja, wellicht brengt 't kereltje mij een bak geluk...
Meer blogs lezen? Ga dan naar www.damespraatjes.nl daar staat elke week een verse blog van mij!

zondag 12 januari 2014

Ka vindt de postbodeschoenen leuk



Omdat ik dagelijks wat krap in mijn tijd zit maar mijn oude buuf toch de helpende hand wil bieden, heb ik mezelf opgeworpen als kok. Ik weet niet of ik een kooktalent bezit, maar ik vind het zelf eigenlijk altijd wel te hachelen wat ik op het vuur heb gezet. Mijn oudste vindt dat ook, die eet het glazuur van zijn bord, mijn kleinste vindt eten zooo ‘overrated’, en schuift zijn doperwten als een anorexiapatiënt van de ene naar de andere kant van zijn bord. Ik wijt dat eigenlijk niet aan mijn kookkunst, maar aan het feit ‘dat ie het dan wel niet nodig zal hebben’.

Ik vind dat mijn buuf wel moet aansterken. Ik kan me voorstellen dat ze al haar energie nodig heeft om op te knappen en geen zin heeft in het bedenken van een avondmaaltijd, het doen –of laten doen-  van boodschappen en het vervolgens ook nog eens in de juiste volgorde op het gas te zetten. Dus dat doe ik. 

Gisteren brouwde ik een geweldig hartversterkend kippensoepje; lekker bouillonnetje van een kippenpoot getrokken. Heerlijk. De dag ervoor spaghetti met koolraap -verzin het maar- en de dag daarvoor een Ierse ovenschotel. “Hoeveel krijg je van me?”, vraagt ze bloedserieus. Niks natuurlijk. “Zorg nou maar dat je weer de oude wordt.” Ze zet de bakjes in de koelkast. “Wil je even naar mijn voeten kijken?”, vraagt ze me. Nou, liever niet. Ik vind voeten van anderen altijd een beetje vies. Voor ik het weet staat ze voor me. Aan haar voeten zitten twee zwart glimmende veterschoentjes. Een beetje van die postbodeschoenen van vroeger. “Verschrikkelijk hè?”, peilt ze mijn mening. Ik kijk haar aan en schud mijn hoofd. “Helemaal niet. Ik vind ze erg leuk. Sterker: ik zou ze zo gekocht kunnen hebben.” Mijn oude buuf denkt dat ik haar in de maling neem. Niets is minder waar. “Deze schoenen zijn op maat gemaakt. Ik kon ze vanochtend ophalen.” Op maat gemaakt? Heb ik een ziekte of blessure gemist? “Nee”, lacht de buuf, “ik had van die rare knokkels aan de zijkanten van mijn voeten en paste amper met die voeten in normale schoenen”, legt ze uit. Ze vindt haar nieuwe stappers afzichtelijk. De podoloog heeft haar op haar hart gedrukt de schoenen in te lopen. ’s Ochtends en ’s middags een uurtje in huis aan. “Nou ja”, haalt mijn buuf haar schouders op, “met zere voeten leven is ook niks.”

De volgende dag zit ik aan de achtertafel achter mijn laptop. In mijn ooghoeken zie ik iets voorbij schuifelen. Ik kijk op. Driftig zwaait mijn oude buuf. Ik loop naar de deur. “Ik ga even naar Cornelia. Kijken of dat lukt”, stiefelt ze verder. “Vraag wat ze van je nieuwe schoenen vindt”, roep ik haar na. Grinnikend draait ze zich om. Ik denk dat ik het antwoord al weet.

Kijk, deze postsnuiter heeft ook van die fijne stappers aan.

Meer blogs lezen? Ga dan naar www.damespraatjes.nl daar staat elke week een verse blog van mij!

zaterdag 4 januari 2014

Ka op het Boerenkooltoernooi



Je denkt toch niet dat ik midden op de dag een bord boerenkool naar binnenschuif?!
De winterstop van het voetballen van mijn oudste is drie weken op weg, en ik moet toegeven: een verademing. Hoewel ik het belangrijk vind dat er wekelijks een potje wordt gevoetbald en een avond wordt getraind, is het Grote Niets ook zeer aangenaam. Geen geheu op de zaterdagochtend. Want de Giganten moeten altijd diep in de nacht verzamelen. Zo stonden de Giganten een paar weken terug om 7.30 uur in het clubhuis. Het team moest naar Baarn. Half acht! Dat is goddomme vroeger dan naar school gaan. ‘Oke. Kom op. Actie in de taxi’, klap ik in mijn handen om te proberen mijn boenders in beweging te krijgen. De kleinste moet namelijk mee, want er is op zaterdagochtend niemand thuis. ‘Eet je broohood op, toe nou! Waar zijn je schoenen? Heb je je tanden al gepoetst?’ Echt heel gezellig. Voordeel van dat idioot vroege opstaan om te voetballen is wel dat je nog een heel lange zaterdag voor de boeg hebt.

In die winterstop wordt even een uitzondering gemaakt voor het Boerenkooltoernooi. Mijn kleinste kon ik onderbrengen en god wat was ik daar achteraf blij om. Om negen uur kwamen mijn oudste en ik in een bomvol clubhuis. Een krioelende berg van kinderen in sportkleding met daarom heen ouders met wallen. Ik haalde diep adem, nam een snoekduik naar de bar en bestelde koffie. First things first. Langzaam wende ik aan de toestand in het clubhuis. Er zat echt enorm veel leven in al die kinderen. Niet in hun ouders. Die keken treurig naar hun smartphone terwijl ze zaten te wachten op een klef kadetje kaas omdat ze geen tijd hadden thuis te ontbijten. Zo’n dag. Ik had geen idee wat me te wachten stond. Als ze maar niet dachten dat ik boerenkool ging eten zo midden op de dag.

De groepjes waren inmiddels gevormd en mijn oudste speelde voor Ajax. Van 10.00 tot 14.00 uur stond ik buiten langs de lijn. Uit de clubspeakers schalde knoertharde muziek die me op mijn zenuwen werkte. Ik had honger maar weigerde een bolletje kroket naar binnen te stampen. En zo verorberde ik een stuk of twaalf Sultana’s die standaard in de voetbaltas zitten voor het geval een van mijn spelertjes een hongerklop krijgt.

De Giganten vonden het ook wat veel van het goede al die wedstrijden en de motivatie zakte naar een dieptepunt. Ze waren overal druk mee, behalve met voetbal. “Hoeveel wedstrijden moet ik nu nog?”, vroeg mijn oudste zorgelijk. Ik haalde mijn schouders op. Tot overmaat van ramp stond het team ook nog in de finale en moest tegen het altijd lastige PSV spelen. Ik besloot mijn mannen te motiveren. Sloeg ze hard op hun schouders, highfivede als nooit te voren, en verdomd, het werkte. Er kwam leven in de voetballertjes. Het was niet genoeg, Ajax verloor. Ook dat nog. Ik had inmiddels geen gevoel meer in mijn tenen en was kapot.

De nederlaag tegen PSV wordt stilletjes verwerkt.


Gretig schoof ik aan het eind van het toernooi een smakelijk bord boerenkool met worst naar binnen. Want soms moet je principes hier en daar wat bijstellen.


Mijn oudste liet zich zuchtend in de auto glijden. Zijn hoofd gebogen. “Tweede, we zijn tweede geworden. Alles is voor niks geweest”, baste hij. Ik grinnikte, liet een boerenkoolboer en verheugde me op de komende drie zaterdagen die de winterstop nog duurde.

Meer blogs lezen? Ga dan naar www.damespraatjes.nl daar staat elke twee weken een verse blog van mij!

donderdag 2 januari 2014

Ka redt 1 januari ternauwernood

Om 7.15 uur op 1 januari haal ik bijna fluitend de ballen uit de kerstboom. Als ik de piek van oma eruit heb getrokken, pak ik de snoeischaar en knip driftig de takken uit de boom, totdat er een dun stammetje over is gebleven. Mijn boenders staan op het punt van heel hard huilen. Ik negeer hun natte oogjes, sleep het stammetje naar buiten, pak een zaag en zorg ervoor dat dat armetierige stukje hout in de groene kliko past. Hopsa klaar. Zo lang ik erover deed de boom te versieren, zo supersnel gaat het opruimen. Heerlijk. Nieuw jaar.

Was nog een hele toestand, dat nieuwe jaar. Zo had ik grote, grote moeite om twaalf uur te halen. Om 22.00 uur op 31 december kreeg ik een behoorlijke wegtrekker en moest ik alle zeilen bijzetten om wakker te blijven. Een uur lang ging het een stuk beter, maar zo rond 23.15 uur, de tijd dat ik op normale dagen volledig in mijn zalige remslaap ben beland, kreeg ik het zwaar. Ik nam nog maar een oliebolletje die de Gooische Catering zo smakelijk voor mij had gebakken, en stampte er een slap geworden toastje achteraan. 

Om acht voor twaalf veerde ik op, haalde mijn boenders uit bed en zette ze op de bank. Het leken wel twee veenlijken. Toen ik riep: “Willen jullie Cars-champoepel?”, schoten ze in een slaapdronken lach en hielden niet meer op. De Man wilde de traditionele klok op televisie opzetten –we hadden de hele avond naar Ik hou van Holland gekeken omdat mijn vriend Roy Donkers daaraan meedeed, maar we weigerden om naar een gesponsorde klok van de Jumbo op RTL4 te kijken- en plop, tv uit. Om niet meer aan te gaan. Zwart. Verdorie. Toe nou. De Man drukte zenuwachtig op de afstandsbediening, de veenlijken lagen nog steeds dubbel op de bank en ik kon alleen maar aan mijn warme bed denken. Ik stond de tollen op mijn benen.



Precies op tijd plopten de kurken uit de flessen. Mijn boenders vonden die Cars-champoepel niet te hachelen en zeurden om Roosvicee. Ik nam een flinke slok champagne wenste mezelf het allerbeste toe en mijn mannen ook, en hobbelde naar buiten. Snel de buren van alles wensen, zodat ik om 12.15 uur onder het warme dekbed kon kruipen. Mijn boenders waren wakker. Echt wakker. Ik kreeg ze niet mee naar bed. Ik vond het gesneden. Terwijl ze samen met De Man naar het vuurwerk in Londen keken –‘gaaf, mam, je had echt niet naar bed moeten gaan, je had moeten kijken- flikkerde ik in een diepe onrustige slaap.

Mooi hoor, vuurwerk in Londen...

Nieuwjaarsdag. Een prachtige dag om op te ruimen. Schoon schip te maken. Met mezelf, maar ook in huis. Heerlijk. Alles weer normaal. ’s Middags hobbelden we naar mijn tante waar de voltallige familie katerig op de bank zat en daarna naar mijn ouders. Toen mijn moeder de Viennetta van Ola met het elektrische zaagmes in plakken sneed, wist ik het zeker: veel gekker zou het in het nieuwe jaar niet worden. Dat hadden we maar vast te pakken.


Het beste. Voor iedereen!

Meer blogs lezen? Ga dan naar www.damespraatjes.nl daar staat elke twee weken een verse blog van mij!

zaterdag 28 december 2013

Ka speelt De Slimste Mens

Ik kan nooit iets met mate doen. Ik heb vijftien jaar gerookt, en rookte werkelijk alles waar rook uitkwam. En de héle dag. Ik werd wakker en het eerste dat ik deed, was een peuk opsteken en de laatste voordat ik naar bed ging, was een van mijn favorieten. Zo’n negen jaar geleden ben ik per ongeluk gestopt. Ik was op vakantie, had een dag niet gerookt en dacht: ‘nou misschien moet ik er dan maar een punt achter zetten’. Ik deed dat. Mijn omgeving dacht dat ik zwanger was, want waarom zou ik, verstokte roker, ‘zomaar’ stoppen met roken?! Ik haalde mijn schouders op, had veel meer lucht en kleur op mijn gezicht, en zeven jaar nadat ik stopte, werd mijn oudste geboren. Ik bedoel maar.

Er volgde vele verslavingen… van drop tot sport, van frisse lucht tot bittere chocola. Gelukkig kan ik er weer een aan mijn lijstje toevoegen: De slimste mens-app. De slimste mens. Een televisieprogramma van NCRV. In de zomer was het een kijkcijferkanon en dus dachten de makers van het spelletje: ‘hopsa, dat doen we nog een keer, maar dan in de winter. DeWereldDraaitDoor houdt een winterstop, wij vullen dat gat’. Ik hou er zo van. Dagelijks zit ik aan de buis gekluisterd en schreeuw voornamelijk de goede antwoorden naar de flatscreen.

Ik veerde op toen Philip Freriks vertelde dat ik, kijkbuisvriend, thuis ook het spel kon spelen. Door een app te downloaden. Dat deed ik. En god, had ik dat maar nooit gedaan. Ik kan nu de hele dag door spelen tegen andere ‘slimmeriken’ of ‘vrienden’. Dus dat doe ik ook. Ik schreeuw tegen mijn boenders als ze het in hun hoofd halen mij iets te vragen, terwijl ik verbanden tussen 16 woorden moet leggen, dat ze zelf moeten nadenken. Ik erger me dood als ik de was uit de wasmachine moet halen terwijl ik net aan het winnen ben van Lolly113. Ben_niet_slim10 heb ik al tien keer in de pan gehakt, maar hij blijft maar om revanche vragen. Prima, dombo, kom maar op. Retefanatiek tik de juiste antwoorden op mijn iPhone. Mijn vingers schieten in de kramp, mijn nek kan ik niet meer draaien. Maar, hola, daar is Elliesnellie1966 die me uitdaagt. Niet doen Elliesnellie, ik vreet je op met huid en haar. Enfin. De Man, die zelf zo’n 23 uur per dag aan Hay Day, een virtuele boerderij, besteedt, vroeg zich af wat ik aan het doen was. Ik heb hem gewaarschuwd. Doe het niet. Download in godsnaam die app niet….

Ik ben er verdorie hartstikke druk mee, met dat spelletje.


Er zijn maar weinig mensen in ons gezin, die naar mij luisteren en dus spelen De Man en ik sinds vandaag regelmatig tegen elkaar De Slimste Mens. Vooralsnog win ik van hem, maar dat komt omdat ik het zo vaak heb gespeeld, dat dezelfde vragen voorbij komen. Makkie. Al twee keer heb ik op het punt gestaan, de app te verwijderen, voorgoed. Telkens als ik een poging waag, zeurt Ben_niet_slim10 om revanche. Kan ik niet weerstaan. En zo ga ik vrolijk verder met het spel. Omdat het zo lekker voor mijn algemene ontwikkeling is. Maar goed dat ik niet meer rook, want De slimste mens-app is niet te combineren met een sigaret. Wel met chocola overigens… 

De aanstichter van al het kwaad: Philip F.

Meer blogs lezen? Ga dan naar www.damespraatjes.nl daar staat elke twee weken een verse blog van mij! 

dinsdag 24 december 2013

Ka heeft kerststress


Aaaarrgghhhh. Kerststress.

“He, lekker, morgen Kerst”, wrijft De Man in zijn handen. Lekker? Lekker?! Ik heb het druk. De kerststress giert door mijn lijf. Het is half elf ’s avonds en als een zot hang ik nog snel een was op. Hoef ik dat morgen, op kerstdag niet te doen. Kerstavond, zo leert mijn geschiedenistraditie, vieren wij. Gezegend met twee Duitse oma’s, is daar geen ontkomen aan. In Duitsland is Kerstavond de belangrijkste avond. Punt uit. Vierden we vroeger deze feestelijke avond bij mijn ouders, nu heb ik het stokje overgenomen en komt de familie bij ons. Mijn boenders hebben er zin in. Willen hun cadeautjes vast uitpakken. “Ik krijg toch wel een vriendenboekje?”, zeurt mijn kleinste al dagen.

Om half zes gaat mijn wekker. Ik spring uit bed. Por de grootste en de kleinste wakker. Slaperig sjokken ze van de trap. Ik stamp een boterham in die kereltjes, kleed ze aan, zet ze in de auto en geef gas. Ik mag ze afzwiepen bij opa en oma. Een verademing. Want nog al je kerstboodschappen doen met die twee om je heen is voor niemand leuk. Normaal gesproken negeer ik ze in de Appie als ze slidings in de gangpaden maken, de supermarkttelevisie saboteren en hard schreeuwen, maar vandaag ben ik bang dat ik het niet aankan. Binnen een uur heb ik alle boodschappen binnen. Ik kom thuis, ruim de boodschappen op en krijg het benauwd. Zijn dit wel genoeg sperziebonen voor iedereen? Nee! Natuurlijk niet! Ik trek mijn jas aan, hol naar de buurtsuper en haal nog wat sperziebonen erbij. En een pakje Croma. Voor je kan niet weten. Ik kom via de voordeur binnen, loop in een rechte lijn naar de keukendeur en spring op mijn fiets. De laatste cadeautjes moet ik nog hebben. Ook vind ik dat ik een zwart blazertje nodig heb en dat mijn wenkbrauwen een zootje zijn.

Het is druk in de winkels. Ik bump vervelende mensen opzij, zoek naar een blazertje. Het zweet staat op mijn voorhoofd. Waarom? Waarom moet ik nu een zwart blazertje? Oké. Geen zwart blazertje, maar mijn wenkbrauwen moeten wel. Nu! Ik bel mijn schoonheidsspecialiste. Ze neemt niet op. Ik roei mijn cadeautjes binnen, gooi een twee-euromunt in de ketel van het Leger des Heils om mijn geweten te sussen. “Gezegend kerstfeest”, roept de heilsoldaat me nog na. Ik steek mijn hand op. Met een volle boodschappentas loop ik een superchique beautysalon binnen en vraag of iemand mijn wenkbrauwen nu kan fatsoeneren. Ik hoor zelf hoe gehaast ik praat en denk aan mijn coach. Ademen. Ademen. Adem! De dolfijnenmuziek die ik op de achtergrond hoor werkt niet mee om mijn hartslag te laten dalen. Maar als ik eenmaal lig, het meisje zorgvuldig mijn wenkbrauwen plukt, word ik rustig. Ik overzie de kerstchaos opeens. Kan mij het. Het wenkbrauwen-epilerende-meisje kwaakt tegen me aan. “Hoe verzin je het? Albert Heijn is gewoon open op tweede kerstdag. Zielig hoor, voor dat personeel.” Ik schiet overeind. “Serieus?! Zijn ze open?” In mijn hoofd jubelt een kerstkoor, komt de kerstman ho-ho-ho-roepend voorbij en kijken engeltjes mijn sereen aan.

Ik ben gered. Ik hoef slechts na te denken over twee kerstdagen. En donderdag, donderdag kunnen mijn boenders gewoon weer een sliding maken door de gangpaden van Appie, de supermarkttelevisie saboteren en heel hard schreeuwen. Mij krijgen ze niet gek.


Happy Christmas!

Meer blogs lezen? Ga dan naar www.damespraatjes.nl daar staat elke twee weken een verse blog van mij!

zaterdag 21 december 2013

Ka verbreekt een wereldrecord


Een, twee, drie, vier.... hoedje van, hoedje van.

Ik ben nooit zo te porren voor grote-groeps-dingen. Een themafeest? Mij doe je er geen lol mee. Ik voel me hoogst ongemakkelijk. Wat moet ik in godsnaam aan? En waarom?! Zodra ik verplicht ‘leuk’ of ‘origineel’ moet doen, haak ik af. Carnaval. Ook zo iets. Mijn moeder verkleedde me jarenlang als Roodkapje. Mandje aan mijn arm met daarin knoertharde broodjes en miniflesjes alcohol op een vrolijk rood wit-geblokt servetje. Dat had ze goed bedacht. Er liep steevast één aangeschoten kleuter de polonaise en dat was ik dan. Het is nooit meer goed gekomen.

Gisteren zag ik met mijn mannen de show van Disney on Ice. Geheel onvoorbereid werd mij, en de meer dan tweeduizend andere bezoekers gevraagd, of ik wilde meedoen aan een record. Ik zuchtte diep. Weer een groepsding. Samen met krant Kidsweek en de sterren van Disney on Ice was het de bedoeling dat ik, en al die anderen, het wereldrecord ‘Meeste mensen met een papieren hoedje op’ te verbreken. Met hoedjes gevouwen van een speciale editie van Kidsweek. Mijn krantenhart maakte een sprongetje. Dat was leuk. Maar om nou met een hoedje op te gaan zitten, dat had ik ’s ochtends toen ik opstond ook niet gedacht.

Na afloop van de Disney on Ice presents World of Fantasy-show moest het gebeuren, dat wereldrecord -dat stond op 2.065 mensen met een papieren hoedje op-, verbreken.
De Man had al vier hoedjes gevouwen. Toen het niet hoefde, hadden mijn boenders dat hoedje op. Toen het erop aan kwam, moest ik praten als Brugman om te zorgen dat ze die hoedjes op hun hoofd te zetten. Dat was hard werken. Want ze moesten ook nog eens vijf minuten dat ding ophouden en mochten er niet aanzitten. Het zweet liep onder mijn krantenmuts vandaan. Hoe gênant zou het zijn als het wereldrecord net niet werd gehaald omdat een van mijn boenders er de brui aan gaf?

Het waren de vijf langste minuten uit mijn leven so far. Vijf minuten bij de tandarts, vijf minuten in een ziekenhuis… het verbleekte allemaal bij deze vijf minuten in de Brabanthallen. Het record werd scherp in de gaten gehouden door een official van het Guiness World Records. De Schot, Mark McGuinley keek rond, werd geholpen door assistenten en ik kreeg jeuk op mijn hoofd. Mijn boenders namen het record uiteindelijk zeer serieus. De laatste tien seconden van die vijf minuten waren killing. We telden af. En jaaa! We hadden vijf minuten voor joker gezeten, maar wel mooi een wereldrecord gevestigd. Mijn kleinste jengelde om een prijs, dat had ie immers wel verdiend zo had ie besloten.

Echt blij kon ik m niet maken met de vermelding in het Guiness Book of Records. Dat was een soort van dooie mus.

De Schot Mark McGuinley neemt zijn taak uiterst serieus.

Yeah! Record verbroken! TinkerBell en speaker Mario (rechts) zijn uitzinnig.

Mark McGuinley en Jacqueline Ancona van Kidsweek zijn gelukkig. Intens gelukkig.


Meer blogs lezen? Ga dan naar www.damespraatjes.nl daar staat elke twee weken een verse blog van mij! En deze week mijn blog over de show Disney On Ice presents Worlds of Fantasy.